Zoals beschreven in Toelichting 2.3 hangt de classificatie van een leaseovereenkomst af van de toekenning van risico’s en voordelen verbonden aan de eigendom van het geleasde actief. Bij de evaluatie van de classificatie van een leaseovereenkomst moeten bepaalde schattingen en veronderstellingen gemaakt en toegepast worden, waaronder de bepaling van de verwachte leaseperiode en minimum leasebetalingen, de evaluatie van de mogelijke uitoefening van opties en de schatting van de reële waarde van de gehuurde eigendom.
Delhaize Groep als huurder - financiële en operationele leaseverplichtingen
Zoals gedetailleerd in Toelichting 8, werkt Delhaize Groep met financiële en operationele leaseovereenkomsten voor een groot aantal van haar winkels. Verscheidene eigendommen die worden geleased, worden (gedeeltelijk of geheel) onderverhuurd aan derden, waarbij de Groep dus optreedt als verhuurder (zie hieronder). De leasetermijnen (m.i.v. redelijk zekere hernieuwingsopties) variëren meestal van 1 tot 36 jaar met hernieuwingsopties van 3 tot 30 jaar.
De volgende tabel geeft een overzicht van de toekomstige minimumleasebetalingen op 31 december 2009, die niet verminderd werden met de minimuminkomsten uit onderverhuring ten bedrage van EUR 68 miljoen die over de looptijd van niet-opzegbare onderverhuring aan de onderneming verschuldigd zijn:

De gemiddelde effectieve rentevoet voor financiële leases bedroeg 11,8%, 11,9% en 11,7% op respectievelijk 31 december 2009, 2008 en 2007. De reële waarde van de financiële leaseverplichtingen van Delhaize Groep op basis van een gemiddelde marktrentevoet van 6,1% bedroeg op 31 december 2009 EUR 887 miljoen (2008: 8,3%, EUR 817 miljoen; 2007: 6,8%, EUR 827 miljoen).
Verplichtingen van de Groep uit hoofde van een financiële lease worden gewaarborgd door de eigendomsakte van de leasegever op de geleasde activa.
De betalingen van de huur, met inbegrip van de geplande verhogingen van de huurprijs, worden op lineaire basis opgenomen over de minimum leaseperiode. De totale huurlasten onder de operationele leaseovereenkomsten bedroegen EUR 270 miljoen, EUR 245 miljoen en EUR 242 miljoen in 2009, 2008 en 2007 respectievelijk, voornamelijk opgenomen in “Verkoop-, algemene en administratieve kosten”. Bepaalde leaseovereenkomsten bevatten ook voorwaardelijke leasebetalingen die meestal gebaseerd zijn op de omzet van de winkels, maar deze waren beperkt in 2009, 2008 en 2007.
Ontvangen betalingen uit onderverhuringen opgenomen als inkomsten voor 2009, 2008 en 2007 bedroegen respectievelijk EUR 22 miljoen, EUR 19 miljoen en EUR 20 miljoen.
Delhaize Groep tekende leaseovereenkomsten voor bijkomende winkels waarvan de bouw niet afgerond was op 31 december 2009. De respectievelijke leasetermijnen en de hernieuwingsopties liggen meestal tussen 3 en 30 jaar. De totale toekomstige minimumhuur onder deze overeenkomsten in verband met winkels in aanbouw, bedraagt ongeveer EUR 166 miljoen.
Verplichtingen van EUR 53 miljoen, EUR 32 miljoen en EUR 34 miljoen werden respectievelijk op 31 december 2009, 2008 en 2007 opgenomen in “Voorzieningen voor gesloten winkels” (zie Toelichting 20.1) voor de verdisconteerde waarde van de uitstaande leasebetalingen verminderd met de verwachte inkomsten uit onderverhuring van gesloten winkels. De discontovoet is gebaseerd op de marginale rentevoet voor schulden met soortgelijke looptijden als de leaseovereenkomst op het ogenblik dat de winkel gesloten wordt.
Delhaize Groep als verhuurder - te verwachten financiële en operationele lease-inkomsten
Zoals hierboven wordt vermeld, treedt Delhaize Groep sporadisch op als een verhuurder bij bepaald geleased vastgoed of vastgoed in eigendom, voornamelijk in verband met gesloten winkels die zijn onderverhuurd aan derden of winkelruimtes in shoppingcentra waar zich ook Delhaize Groep supermarkten bevinden. Momenteel heeft de Groep geen leaseovereenkomsten afgesloten met externe huurders die beschouwd moeten worden als een financiële lease. De huurinkomsten worden opgenomen onder “Andere bedrijfsopbrengsten” in de winst- en verliesrekening.
De niet-verdisconteerde te ontvangen toekomstige minimumleasebetalingen onder niet-opzegbare operationele leases kunnen als volgt worden samengevat op 31 december 2009:

Het totaal bedrag van EUR 110 miljoen vertegenwoordigt te verwachten lease-inkomsten die als dusdanig zullen worden opgenomen in de resultatenrekening, exclusief de te verwachten toekomstige onderverhuurinkomsten in verband met winkels die deel uit maken van de “Voorziening voor winkelsluitingen” (zie Toelichting 20.1).
Contracten met voorwaardelijke huurclausules zijn niet significant voor de Groep.